Hieronder vindt u informatie over belangrijke regelgeving voor de VBS branche.
- > Europese Verfrichtlijn 2004
-
De Verfrichtlijn 2004/42/EG dwingt de verfindustrie om vanaf 1 januari 2010 alleen nog verfproducten op de markt te brengen met een maximaal VOS-gehalte per product zoals aangegeven in bijlage II. Verder geldt sinds 1 januari 2010 de verplichting om op het etiket aan te geven tot welke subcategorie het product behoort, inclusief de vermelding van de grenswaarde van het product in gebruiksklare vorm. De winkelier dient erop toe te zien dat alle producten voorzien zijn van het juiste etiket.
De fabrikanten hebben door de verfrichtlijn voor een groot aantal producten de recepturen moeten wijzigen. Dit heeft consequenties voor enkele verfmengmachines die moe(s)ten worden aangepast of vervangen Een extra investering dus. Winkeliers hebben tot eind 2010 de tijd gehad om de voorraden ‘oude verf` te verkopen. Of de verf ook aan de richtlijn voldoet wordt gecontroleerd door het ministerie van VROM. Nadere informatie kunt u vinden in de diverse vakbladen en op de website van de Voedsel en Waren Autoriteit: www.vwa.nl
De Vereniging van Verfproducenten (VVVF) attendeert de NVVW erop dat er in 2010 een verbod komt op het verkopen van bepaalde verfproducten met een actieve biocide werking. Het gaat dan bijvoorbeeld om schimmelwerende verven. Echter ook waterverdunbare verven met toeslagen voor conservering in de bus kunnen bijvoorbeeld onder deze regels vallen. Als er geen toelatingsnummer op het etiket staat vermeld voor betreffende biociden, dan mag het product over enkele jaren niet meer verhandeld worden. Op de website www.ctgb.nl kunt u nadere informatie vinden. VROM of VWA inspectie kunnen boetes opleggen.
- > Reach
-
De verf- en drukindustrie zullen als gevolg van de Europese verordening REACH door de verplichte etikettering en indeling van gevaarlijke stoffen, steeds minder grondstoffen op de markt kunnen brengen. Na 1 december 2010 (deadline meldingsplicht gevaarlijke stoffen voor fabrikanten en importeurs) is dit steeds meer het geval. Zo mag afbijtmiddel (methyleenchloride) met ingang van december 2010 niet meer op de consumentenmarkt worden gebracht. NVVW heeft VVVF verzocht ons goed op de hoogte te houden. Op de website http://stoffenbeleid.nl kunt u nadere informatie vinden.
- > Maximering opslag gevaarlijke stoffen
-
Sinds 2008 heeft de overheid (VROM) met het activiteitenbesluit en de PGS15 nadere regels gesteld voor ondermeer maximering van opslag van gevaarlijke stoffen in verkoopruimten. Op de verpakking van het product en in het veiligheidsinformatieblad staat of de stof licht tot zeer licht ontvlambaar is. Bij enkele winkels heeft reeds controle plaatsgevonden vanuit de gemeente. Bij overschrijding moet de winkelier binnen een korte termijn een te grote voorraad verwijderen of bijzondere maatregelen treffen. Omdat het een overtreding van de wet is kan een geldboete worden opgelegd. Voor opgeslagen verfproducten in metalen verpakking geldt een maximum van 8000 liter.
Voor meer details kunt meer informatie vinden u op: www.veiligmetverf.nl; www.vrom.nl en www.overheid.nl.
U kunt ook het secretariaat van NVVW mailen: nhouten@nassauplein.nl, tel: 070-3989833. - > NVVW onderzoekt Digitale Branche RI&E
-
De verplichte RI&E voor de kleinere werkgever wordt vergemakkelijkt. Werkgevers met minder dan 25 werknemers hoeven vanaf 1 januari 2011 geen gecertificeerde arbodeskundige meer in te schakelen bij het opstellen en evalueren van risico’s in hun bedrijf. Wel moeten zij gebruikmaken van een erkend Risico-inventarisatie en Evaluatiesysteem van de branche. Ook moeten werknemers vanaf die datum de RI&E van hun bedrijf kunnen inzien. De ministerraad heeft in 2010 ingestemd met deze wetswijziging. De werkgever beschrijft in de Risico-inventarisatie de risico’s die het werk met zich mee kan brengen en de maatregelen die het bedrijf neemt. Elke werkgever is verplicht een Risico-inventarisatie op te stellen.
Verlaging lasten
De vereenvoudiging van de Risico-inventarisatie verlaagt de administratieve lasten voor kleine werkgevers. Bedrijven die gebruik maken van een in de cao opgenomen standaardmodel voor het opzetten van de Risico-inventarisatie, waren al vrijgesteld van toetsing door een arbodeskundige.
Het bestuur van de NVVW zal onderzoeken of een branche RI&E voordelig kan zijn voor de aangesloten werkgevers. De vakbonden zullen met een erkende branche RI&E akkoord moeten gaan. Een variant kan ook zijn een niet-erkende digitale RI&E voor de leden, maar dan blijft een lichte toets verplicht. Deze kosten bedragen enkele honderden euro’s per toetsing. Voorbeelden van een RI&E vindt op www.rie.nl De NVVW zal u in 2011 op de hoogte houden van dit project. - > Besluit Bijstandverlening Zelfstandigen (BBZ)
-
Deze regeling van de Bijstandswet voorziet er in dat een gemeente bijstand kan verlenen aan:
- een zelfstandige die al een redelijke termijn gevestigd is en wiens bedrijf levensvatbaar is, maar in tijdelijke problemen zit en niet door normale kredietverlening geholpen kan worden. De bijstand kan bestaan uit een lening, al of niet met rente, een bedrag om niet of een vorm van uitkering. Er zijn diverse voorwaarden, waaronder een rapport van een deskundige;
- een zelfstandige wiens bedrijf niet levensvatbaar is en die zich heeft verplicht het bedrijf binnen uiterlijk 12 maanden te sluiten kan gedurende die laatste periode ook een uitkering krijgen (mits aan de voorwaarden wordt voldaan);
- een zelfstandige van 55 jaar en ouder die lange tijd een bedrijf heeft gehad, maar waaruit nu onvoldoende inkomen komt om in de kosten van levensonderhoud te voorzien. Er zijn enkele voorwaarden maar ook verschillende mogelijkheden van bijstand. U kunt een beroep doen op een bedrijfskapitaal (al of niet met rente), een bedrag om niet (maximaal € 8684,-*) of een uitkering levensonderhoud als aanvulling op het inkomen uit bedrijf.
- Bij de uitkering wordt rekening gehouden met de gezinssamenstelling, woonkosten en de premie voor een arbeidsongeschiktheidsverzekering. Een dergelijke uitkering loopt door tot u de leeftijd van 65 jaar heeft bereikt of totdat niet meer wordt verwacht dat u uit uw bedrijf een netto winst gaat halen van ten minste € 6.898,-* per jaar.
- Indien u een vermogen heeft boven de € 117.004,-*, is dat van invloed op de vorm van bijstand. Bij een hoger vermogen vindt de bijstandverlening plaats in de vorm van een renteloze lening; bij een lager vermogen kan bijstand plaatsvinden zonder terugbetalingsverplichting. Bijstand Zelfstandigen kan aangevraagd worden bij de gemeente.
- > Borgstelling MKB-kredieten (BMKB)
-
Om een krediet te kunnen geven moet de bank voldoende zekerheden hebben. Elke bank heeft daarvoor zijn eigen voorwaarden en normen. Wanneer een onderneming die krediet aanvraagt niet aan die voorwaarden kan voldoen kan de bank een beroep doen op de staatsregeling Borgstelling MKB-kredieten. De borgstelling is bedoeld om de kredietverlening aan het MKB te vergemakkelijken en wel doordat de staat ten opzichte van de bank, borg gaat staan voor een deel van het kredietbedrag. Dat verlaagt het risico van de bank waardoor ze eerder het gevraagde krediet kunnen geven. Voor starters telt een extra steun. Er zijn wel een aantal voorwaarden waaraan moet worden voldaan. De voornaamste zijn:
- het bedrijf moet minder dan 250 werknemers hebben;
- het maximale bedrag is 1,5 miljoen euro;
- starters krijgen een garantie voor leningen tot € 200.000,- ;
- de ondernemer moet een goed plan hebben waaruit voldoende rentabiliteit en continuïteit blijkt;
- het krediet mag niet worden aangewend ter nakoming van eerdere verplichtingen aan de bank;
- de ondernemer moet wel enig eigen vermogen hebben al kan dat minder zijn dan bij normale kredietverlening;
- de bank toetst of u in aanmerking komt voor de borgstelling en beslist of de zekerheid wordt aangevraagd en mag de kosten van de zekerheidstelling doorberekenen in het krediet.
Meer informatie over deze kredietvorm kunt u lezen op www.senternovem.nl.





